Als bruisend hart van het 'Ecomunitypark' in Oosterwolde verbindt het Biosintrum bedrijven, onderwijsinstellingen en overheden die samen pionieren aan een biobased toekomst. Het kenniscentrum, opgeleverd in 2018, geldt nog altijd als een van de meest duurzame gebouwen van Europa. Meer dan 80% van het gebouw bestaat uit biobased materialen én het ontving een BREEAM Outstanding-certificaat. Met een houten constructie en innovatieve toepassingen als mycelium, olifantsgras en lokaal verzamelde gerecyclede spijkerbroeken vormt het al jaren een inspirerend voorbeeld van biobased bouwen.
Toen de Gemeente Oostellingwerf een regionaal kenniscentrum voor de biobased economie ontwikkelde, was het een logische keuze om ook het gebouw zelf als voorbeeld te laten dienen. De biobased economie gaat uit van een kringloop waarin natuurlijke grondstoffen duurzaam worden verwerkt tot producten die na gebruik opnieuw als grondstof kunnen dienen, terwijl de gebruikte materialen tijdens het groeiproces weer worden aangevuld. Biosintrum (Sintrum is het Friese woord voor ‘centrum’) werd een pilotproject waarin bij alles is gezocht naar de meest duurzame oplossing. Het gebouw moest energieneutraal zijn, gebouwd van natuurlijke materialen, en uitnodigen tot kennisdeling. Samenwerking met lokale partijen vormde daarbij de kern. Zo adviseerde NHL Stenden Hogeschool over biobased materialen, berekenden studenten van het Van Hall Larenstein de energieneutraliteit en waterbesparing, en ontwikkelde NHL Stenden ook de horecaconcepten. Zelfs de materialen kwamen uit de buurt: zo werd geëxperimenteerd met isolatie van ingezamelde spijkerbroeken – een gezond, betaalbaar en effectief alternatief voor glaswol. Prettig voor de bouwvakkers die met het materiaal moeten werken want in tegenstelling tot glaswol irriteert katoen niet en hoeven ze daarom geen mondkapjes op. Het driepootvormige gebouw is georganiseerd rondom een centraal atrium dat de drie vleugels - met restaurant, congreszaal, onderwijs-, vergader-, en labruimtes - met elkaar verbindt. De open studieplekken rond het atrium stimuleren ontmoeting en kennisdeling, precies waar het Biosintrum voor is bedoeld.
Wie het gebouw binnenkomt, ziet meteen de biobased toepassingen. De zichtbare draagconstructie bestaat uit lokaal geoogst larikshout. Staatsbosbeheer verzorgde de aanplant van nieuwe bomen zodat er per saldo geen bos verloren ging. Onbehandelde accoya kozijnen, houten wandbekleding, cradle-to-cradle vloerbedekking, biocomposieten gevels en een lichtkoepel van gerecycled plastic tonen de aandacht voor natuurlijke detaillering. Het dak is voorzien van zonnepanelen, regenwater wordt opgevangen, en voor de verlichting is uitsluitend led gebruikt. In het hart van het gebouw staat een boom als symbool voor de ecologische ambities. Overal is geëxperimenteerd met innovatieve natuurlijke materialen: binnenwanden zijn gemaakt uit mycelium, het wortelstelsel van paddenstoelen dat zaagafval en stro tot compact, biologisch afbreekbaar plaatmateriaal bindt; vloeren waarin olifantsgras zand en grind vervangt, waardoor het beton aanzienlijk lichter wordt; toepassingen van vlas, leem en marmoleum van cacao schillen; stopcontacten van mais; en restaurantmeubels van gerecycled materiaal. Kortom: het is een gebouw geworden voor en door een duurzame gemeenschap, waar kennisdeling en samenwerking centraal staan, met een voorbeeldrol in de Biobased Economy.
Lees meer over dit project en de maatschappelijke bijdrage van de omgeving